Home / Nieuws / Landstede haalt ‘cowboy’ binnen als voorzitter
Theo Rietkerk

Landstede haalt ‘cowboy’ binnen als voorzitter

Theo Rietkerk wordt de nieuwe bestuursvoorzitter van Landstede Groep. Volgens de een komt er een ‘cowboy’ binnen, volgens anderen een ‘bruggenbouwer’. Een profiel over een topbestuurder die alles opzij wilde zetten om voetballer te worden.

Theo Rietkerk wilde eigenlijk voetballer worden. En dat was hem bijna gelukt ook. Als centrale verdediger maakt hij op de amateurvelden naam voor zichzelf bij WHC en Go Ahead Kampen. De KNVB selecteert hem voor het regionale talentenelftal, waar hij in één team speelt met voormalig international René Eijkelkamp uit Dalfsen. De drang om te slagen in de sport is zó groot dat Rietkerk er zijn studiekeuze van laat afhangen. Na het atheneum kiest hij niet voor een universitaire opleiding, maar voor de heao. De beroepsopleiding sluit immers beter aan bij zijn trainingsschema.

De mensen die hem als verdediger hebben zien spelen en hem kennen, zeggen dat de voetballer-Rietkerk (18 oktober 1962) te vergelijken is met de bestuurder-Rietkerk: doorpakken als het moet en niet bang voor tegenstanders. Of voor voetbalbestuurders, want bij elke club waar hij actief is, zit hij ook direct in de spelersraad die met de notabelen van de vereniging moet overleggen over alles wat het eerste elftal aangaat.

Het einde van zijn voetbaldroom is meteen het begin van zijn politieke carrière. Als Rietkerk de dertig is gepasseerd scheurt hij zijn kruisband in de linkerknie af en zal hij nooit meer op niveau kunnen spelen. Voetballen kan hij sindsdien alleen met een brace van een halve meter, waardoor hij zich heeft toegelegd op hardlopen. Rietkerk staat zelfs aan de start van de Halve Marathon van Zwolle.

In de Tweede Kamer maakt hij direct naam voor zichzelf. Waar andere nieuwelingen als backbenchers een paar jaar mogen wennen aan de Haagse mores, is Rietkerk meteen een belangrijke spil in de fractie.

De voorzitter van Go Ahead Kampen is op het moment dat Rietkerk zijn voetbalcarrière moet beëindigen ook lid van het CDA in de stad en spoort hem aan secretaris van de plaatselijke partijafdeling te worden. En dan gaat het snel met de politieke carrière van Theo Rietkerk.
In 1998 komt hij al in de Tweede Kamer, en volgt hij een familietraditie op. Zijn vader Jan Rietkerk is in 1975 medeoprichter van de RPF – later gefuseerd tot de ChristenUnie, en wordt in 2000 burgemeester van Genemuiden. Zijn oom Koos is zelfs VVD-minister van Binnenlandse Zaken in het eerste kabinet-Lubbers. Hoewel Rietkerk uit een orthodox nest komt en lid is van de Gereformeerde Kerk volgt hij zijn vader niet in diens politieke gedachtegoed. Rietkerk wordt lid van het CDA, hoewel hij zegt dat hij het orthodoxe nest ‘voor de rest van zijn leven’ meeneemt.

In de Tweede Kamer maakt hij direct naam voor zichzelf. Waar andere nieuwelingen als backbenchers een paar jaar mogen wennen aan de Haagse mores, is Rietkerk meteen een belangrijke spil in de fractie. Niet vreemd, want hij krijgt tijdens de verkiezingen in 1998 ongeveer hetzelfde aantal voorkeurstemmen als CDA-coryfee Hans Hillen.

Hij voelt langzaam dat ‘het licht uitgaat’ in zijn lichaam. Rietkerk gaat naar de huisarts en krijgt de mededeling dat hij leidt aan een post traumatisch stress-syndroom in combinatie met een depressie. Waar die klachten exact vandaan komen, wil Rietkerk niet zeggen.

Voor de christendemocraten wordt Rietkerk woordvoerder in debatten over het Koninklijk Huis, Binnenlandse Zaken en Justitie. Ook bekleedt hij de functie van fractiesecretaris. Hij wordt een vertrouweling van de top in de partij, Jan-Peter Balkenende en Maxime Verhagen rekenen hem tot hun inner-circle. Ook maakt hij deel uit van het CDA-team dat de strategie voor de kabinetsformatie uitstippelde.

Voormalig CDA-kamerlid en burgemeester van Maastricht Gerd Leers maakt Rietkerks debuut op het Binnenhof van dichtbij mee. In het Financieel Dagblad zegt hij over die eerste stappen: ‘Vaak hebben nieuwelingen even nodig om op gang te komen in de politiek, maar hij vond meteen moeiteloos zijn weg in Den Haag. Het is iemand die met iedereen door een deur kan, hij zoekt meteen bruggen, is een praktisch ingesteld mens.’

Toch laat de Haagse politiek diepe sporen achter bij Rietkerk. Enerzijds fysiek door de werkweken van meer dan honderd uur, anderzijds mentaal. Rietkerk is een echte bestuurder, maar ziet in Den Haag vooral Kamerleden die zich meer met de camera’s bezighouden dan met de inhoud. Hij verbaast zich over het gedrag van veel van zijn collega’s. De media-hyperigheid past niet bij het idee dat hij heeft van besturen. Voor hem gaat inhoud boven uiterlijk vertoon. En dat is in de carroussel op het Binnenhof wel anders.

Rietkerk zou boos zijn dat hij niet is gevraagd voor een post in het kabinet. Staatssecretariaten op Defensie en Economische Zaken lonkten. Zelf doet hij de verhalen over zijn woede af als ‘onzin’. Hij wilde juist níét in het kabinet zitten.

Zijn lichaam sputtert steeds meer tegen. In 2003 maakt hij een opmerkelijke stap. Hij vertrekt uit Den Haag en keert terug als gedeputeerde bij de Provincie Overijssel, waar hij eerder ambtenaar was. De wending van zijn carrière valt slecht bij het partijbestuur. Volgens voorzitter Marjan van Bijsterveldt moeten Kamerleden zich realiseren dat ze voor vier jaar een verplichting aan de kiezer en aan hun partij hebben. Ook fractievoorzitter Verhagen probeert Rietkerk van gedachten te laten veranderen. De pogingen mislukken allemaal.

Geruchten zijn er dan ook over de plotselinge stap naar de provincie. Rietkerk zou boos zijn dat hij niet is gevraagd voor een post in het kabinet. Staatssecretariaten op Defensie en Economische Zaken lonkten. Zelf doet hij de verhalen over zijn woede af als ‘onzin’. Hij wilde juist níét in het kabinet zitten, zegt hij.

Dan voelt hij al dat langzaam in zijn lichaam ‘het licht uitgaat’, zoals hij dat zelf omschrijft in een interview. Hij gaat naar de huisarts en krijgt daar de mededeling dat hij leidt aan een post traumatisch stress-syndroom in combinatie met een depressie. Waar die klachten exact vandaan komen, wil Rietkerk niet zeggen. Maandenlang zit hij thuis en slikt een cocktail van medicijnen. ‘Alles was zwart. En op een dag liep ik door het bos en ik zag de bomen weer. Dat was een fantastische ervaring’, zegt hij tegenover De Twentse Courant/Tubantia over die moeilijke periode in zijn leven.

Een team van 44 Kamerleden is geen team, een groep van acht mensen, met CdK en secretaris, is dat wel’

Weg van het rumoer in Den Haag en dichtbij zijn familie in Kampen klimt Rietkerk langzaam weer uit een diep dal. Ook het werk als gedeputeerde ligt hem beter dan dat als Kamerlid. Hapklare citaten voor de camera’s zijn minder van belang. De media-aandacht is op het provinciehuis beperkt, de inhoud staat er voorop. Exact zoals Rietkerk graag wil. ‘Je kan in de provincie veel sneller klappen maken en resultaten boeken. In Den Haag is het altijd maar afwachten wat er met je plannen gebeurt. Bovendien zijn het in Den Haag allemaal kleine onderneminkjes. Ik ben meer een teamspeler. Een team van 44 Kamerleden is geen team, een groep van acht mensen, met CdK en secretaris, is dat wel’, zegt hij in een interview met het Sallands Dagblad.

Als bestuurder op het Provinciehuis maakt hij ook naam voor zichzelf. De 800 ondervraagde gedeputeerde en leden van de provincies roepen hem in 2007 bij een enquete van Trouw uit tot de beste gedeputeerde van Nederland. ‘Hij is onvermoeibaar, optimistisch en respectvol’, schreef de krant. De oorkonde geeft Rietkerk een prominent plekje op zijn bureau, naast de groene koe die hij van het CDA kreeg bij zijn afscheid als Kamerlid.

Er is respect voor het werk dat hij verricht op het gemeentehuis, maar tegenstanders uiten ook kritiek op zijn manier van werk. GroenLinks noemt hem een ‘cowboy’, anderen vinden dat hij soms als een olifant door een porseleinkast dendert. ‘Ik ben van het tempo en van de toegevoegde waarde’, omschrijft hij zijn eigen dadendrang.

Alleen een SGP-gedeputeerde in Zeeland heeft er net zoveel dienstjaren bij de Provincie opzitten als Rietkerk

In 2011 is Rietkerk opnieuw een kandidaat om tot het kabinet toe te treden. Hij wordt genoemd als minister van Binnenlandse Zaken, maar bedankt voor de eer. De politieke situatie in Den Haag is met de PVV in de regering te instabiel, zegt hijzelf. Hij wil er zijn werk in de provincie niet voor opgeven. Uiteindelijk volbrengt hij drie termijnen op het Provinciehuis, alleen een SGP-gedeputeerde in Zeeland heeft er net zoveel dienstjaren opzitten als hij.

Vanaf 1 november heeft Rietkerk een nieuwe uitdaging gevonden, als bestuursvoorzitter van Landstede Groep. Hij heeft de ambitie om zijn nieuwe werkgever als ondernemende onderwijsorganisatie ‘te versterken, verbeteren en versnellen en de verbinding met de beroepspraktijk en regionale partners te behouden en verbreden.’

Volgens Henk van der Sar, voorzitter van de Raad van Toezicht, is Rietkerk een uitstekende kandidaat. ‘Wij waren op zoek naar een ervaren, besluitvaardig bestuurder met realisatiekracht. Iemand met regionale binding, die strategisch inzicht weet te vertalen naar uitvoering. Wij zijn ervan overtuigd die te hebben gevonden in Theo Rietkerk. Zijn zienswijze stemt volledig overeen met de toekomstvisie van Landstede Groep als onderwijs- en netwerkorganisatie.’